Second Booke of Songes, 1600

A shepherd in a shade

Tekst: onbekend

A shepherd in a shade,
His plaining made,
Of love and lovers' wrong,
Unto the fairest lass
That trod on grass,
And thus began his song.

 

Since Love and Fortune will,
I honour still
Your fair and lovely eye.
What conquest will it be,
Sweet nymph, for thee
If I for sorrow die?

 

Restore, restore my heart again,
Which love by thy sweet looks hath slain,
Lest that, enforc'd by your disdain, I sing:
"Fie, fie on love, it is a foolish thing."

 

My heart where have you laid?
O cruel maid,
To kill, when you might save!
Why have ye cast it forth,
As nothing worth,
Without a tomb or grave?

 

O let it be entomb'd and lie
In your sweet mind and memory,
Lest I resound on every warbling string:
"Fie, fie on love, that is a foolish thing!"

 



xx

Een herder in het lommer

xx

Een herder in het lommer
beklaagde zich vol kommer,
over onrecht en liefdesverdriet,
tot haar, die de mooiste was,
het meisje bij hem op het gras,
en begon aldus zijn lied.

Omdat het Amor en Fortuna verblijdt,
vereer ik nog altijd
je prachtig mooie gezicht.
Wat heb je eraan, zeg,
als ik het loodje leg
uit verdriet om jou, mooi wicht?

 

[ . . . ]

De volledige tekst kunt u per email opvragen.
Klik hier voor de voorwaarden.